Hugo Distler (1908-1942) was een invloedrijke Duitse organist, koordirigent, leraar en componist van neo-baroque muziek. Geboren in Neurenberg, groeide hij uit tot een van de belangrijkste verniewers van de lutherse kerkmuziek na 1930. Zijn korte maar intensieve carrière viel samen met de opkomst van het nazisme, een periode die zijn leven en werk diepgaand beïnvloedde.
Distler is vooral bekend om zijn sacrale koorwerken, zoals het Mörike-Chorliederbuch, en zijn harmonie-innovaties gebaseerd op oude muziek. Zijn composities kenmerken zich door polyfonie, vrijheid en melismatische elementen, wat hem een unieke plaats in de Duitse koormuziek van de twintigste eeuw bezorgde. Naast zijn kerkmuziek schreef Distler ook veel wereldlijke koorcomposities die als baanbrekend en belangrijk worden beschouwd.
Distler's leven was echter niet zonder moeilijkheden. Als gevoelige jongeman en illegitiem kind van een modiste en een ingenieur, werd zijn leven gekenmerkt door persoonlijke en politieke stormen. Zijn religieuze overtuigingen en de druk van de naziregime brachten hem uiteindelijk tot de rand van het uithoudingsvermogen, wat resulteerde in zijn tragische zelfmoord op 34-jarige leeftijd. Ondanks zijn korte leven blijft Hugo Distler's muziek een blijvende inspiratiebron en een belangrijk onderdeel van de Duitse koor- en orgelmuziek.